Troonrede van 20 september 1875

Mijne Heeren! Met genoegen bevind Ik Mij op nieuw in Uw midden, om U, als Vertegenwoordigers van het Nederlandsche Volk, tot hervatting Uwer werkzaamheden uit de noodigen. Mijne verstandhouding met de vreemde Mogendheden is bij voortduring zeer vriendschappelijk. De landman mag zich in een goeden oogst verheugen; de gezondheidstoestand is over het algemeen zeer gunstig. …

Troonrede van 21 september 1874

Mijne Heeren! Met groote erkentelijkheid en welgevallen mag Ik, bij de opening van deze zitting, gewagen van de even algemeene als hartelijke feestvreugde, waarmede de 25 jarige gedenkdag van Mijne plegtige aanvaarding der regering, in ons geheele Vaderland en in onze Kolonien en Overzeesche bezittingen, is herdacht. De zedelijke en stoffelijke belangen van het zoo …

Troonrede van 15 september 1873

Mijne Heeren! Ik verheug Mij, ook nu weder, bij de opening Uwer gewone zitting, het geluk te hebben, gunstige mededeelingen te kunnen doen aangaande den toestand des Lands. Bij het bezoek, in het voorjaar door Mij gebragt aan de noordelijke gewesten des Rijks, ontmoette Ik allerwege blijken van welvaart en bloei. De havenwerken van Vlissingen, …

Troonrede van 16 september 1872

Mijne Heeren! In Uw midden gekomen om Uwe gewone vergadering te openen, waardeer Ik dankbaar het voorrecht U op het vele goede te mogen wijzen, dat ons Vaderland ten deel valt. Vriendschappelijke verstandhouding kenmerkt Onze betrekkingen met alle mogendheden. Wij verheugen Ons in een gezegenden oogst. De veestapel bleef van groote rampen bevrijd. De maatregelen …

Troonrede van 20 september 1869

Mijne Heeren! Het is Mij aangenaam de Vertegenwoordiging van het Nederlandsche Volk bij de opening dezer zitting welkom te heeten. Onze betrekkingen met de andere Mogendheden zijn van den meest vriendschappelijken aard. Met welgevallen mag Ik op nieuw getuigen van den loffelijken ijver door Zee- en Landmagt betoond bij de vervulling van hare pligten. In …

Troonrede van 21 september 1868

Mijne Heeren! Het verheugt Mij, Uwe zitting te mogen openen met dankbare erkenning van het vele goede, dat het Vaderland te beurt viel. Onze betrekkingen met de andere mogendheden laten niets te wenschen over. De middelen van internationaal verkeer worden aanhoudend uitgebreid en verbeterd. De belangen van handel, scheepvaart en nijverheid worden door Mijne gezantschappen …

Openingsrede van 25 februari 1868

Mijne Heeren! Naar ’s Konings bevelen komen wij de vertegenwoordigers van ‘t Nederlandsche volk welkom heeten in deze nieuwe zitting. Het oogenblik, waarop gij uwe parlementaire werkzaamheden aanvangt, is gewigtig; moge het blijken heilspellend te zijn voor het vaderland. Daartoe wil de Regering’s lands afgevaardigden met vertrouwen te gemoet gaan. De vorige Tweede Kamer sprak …

Troonrede van 16 september 1867

Mijne Heeren! Stel Ik er prijs op in persoon Uwe Vergadering te openen, dubbel aangenaam is Mij heden het vervullen dier taak, nu Ik U gunstige mededeelingen nopens den toestand van het Vaderland kan doen. De losmaking der betrekkingen van een onzer gewesten tot Duitschland, in het vorigjaar tot stand gekomen, heeft sedert hare internationale …

Troonrede van 17 september 1866

Mijne Heeren! Ik waardeer het voorregt Mij wederom te midden der Vertegenwoordigers van het Nederlandsche Volk te bevinden. Heeft Mijn Huis sedert eeuwen lief en leed met dat Volk gedeeld, die banden zijn door Onze grondwettige instellingen bevestigd. Zij zullen door eendragtige zamenwerking voor hetgeen het heil des Vaderlands gebiedt meer en meer versterkt worden. …

Troonrede van 18 september 1865

Mijne Heeren! Aangenaam is het Mij, U te kunnen mededeelen, dat onze betrekkingen met andere Mogendheden steeds van zeer vriendschappelijken aard zijn. Aan de belangen van het verkeer, den handel en de scheepvaart met het buitenland wijdt Mijne Regering steeds hare zorgen. Zee- en Landmagt beantwoorden, zoo hier te lande als in de Overzeesche bezittingen, …