Leden van de Staten-Generaal, Nederlanders zijn steeds in staat de bakens te verzetten als omstandigheden daarom vragen. Tijdens de crisis van de afgelopen jaren hebben we die kracht opnieuw gezien. En met resultaat. De economie is weer aan het groeien. Dankzij de inzet en het doorzettingsvermogen van ondernemers, werknemers en veel anderen in de samenleving …
Tag archieven: Dijkaanleg
Troonrede van 16 september 1861
Mijne Heeren! Dankbaar erken Ik het voorregt, bij de opening van deze Vergadering, wederom tot gunstige mededeelingen omtrent de aangelegenheden van het Vaderland in staat te zijn. -Wel hebben in den laatsten winter eenige provincien de noodlottige gevolgen van ijsgang en overstrooming ondervonden, en hoog steeg de nood, in de geteisterde streken, doch de zucht …
Troonrede van 21 september 1857
Mijne Heeren! Het is Mij eene groote voldoening U te kunnen verzekeren, dat onze betrekkingen met de andere Mogendheden bij voortduring getuigen van goede verstandhouding en welwillendheid. De Zee- en Landmagt blijven Mij alle reden van tevredenheid geven. Zij hebben in Nederlandsch-Indië nieuwen krijgsroem verworven. De aanvankelijke uitbreiding van het materieel der Marine belooft goede …
Troonrede van 17 september 1855
Mijne Heeren! Het strekt Mij tot voldoening U ook ditmaal te kunnen mededeelen, dat onze betrekkingen met de andere Mogendheden zich kenmerken door welwillendheid en vriendschappelijke gezindheid. Te midden van den oorlog, waarin onderscheidene met ons bevriende Staten nog altijd gewikkeld zijn, blijven wij aan het stelsel van strikte onzijdijgheid vasthouden. Onzerzijds naauwgezet nagekomen, wordt …
Troonrede van 13 februari 1849
Mijne Heeren, de Leden van de Eerste en Tweede Kamer der Staten-Generaal! Naar het uitdrukkelijk voorschrift der Grondwet, is de taak der beide Kamers van de Staten-Generaal, die tot heden bestonden, met dit oogenblik volbragt. Met naauwgezetheid hebben die Kamers Mij, na de aanneming der grondwets-wijzigingen, bijgestaan, en zij verdienen dank voor de hulp, welke …
Troonrede van 20 oktober 1845
Edel Mogende Heeren! Ik gevoel Mij gelukkig aan U Edel Mogenden bij vernieuwing te kunnen verklaren, dat er, over het geheel, zich veel gunstigs in den toestand des Vaderlands voordoet. Nederland blijft met de andere Mogendheden voortdurend op eenen vriendschappelijken voet verkeeren. Het bezoek, hetwelk Ik aan Hare Majesteit de Koningin van Groot-Brittannie bragt, zal, …
Troonrede van 17 oktober 1836
Edel Mogende Heeren! Bij het overzien van den tijdkring, die sedert Uwe jongste zitting is verloopen, reken Ik het een bijzonder voorregt deze vergadering te openen met de erkenning, dat op nieuw vele zegeningen over het vaderland zijn uitgestort. De geboorte van eenen Prins aan mijnen beminden tweeden zoon geschonken, heeft Mijn Huis en de …
Troonrede van 19 oktober 1835
Edel Mogende Heeren! Met genoegen kan ik bij de opening dezer zitting, aan U Mogenden de verzekering geven, dat Onze betrekkingen tot vreemde Mogendheden, van een’ vriendschappelijken aard. De staatkundige toestand van het Rijk is, intusschen, sedert de mededeelingen, Mijnentwege, in de lente van dit jaar, aan Uwe Vergadering gedaan, onveranderd gebleven. Bij het voortdurend …
Troonrede van 20 oktober 1834
Edel Mogende Heeren! Het is mij des te aangenamer U Edel Mogenden, bij de opening dezer zitting, te kunnen mededeelen, dat onze betrekkingen tot de vreemde Mogendheden geruststellende zijn, en dat Ik van velen, bij voortduring, de blijken ontvange eener opregte vriendschap, – daar Ik nog altijd ben te leur gesteld in de billijke verwachting …
Troonrede van 17 oktober 1825
Edel Mogende Heeren, Het huwelijk van Mijn beminden tweeden Zoon is, sedert uwe laatste vergadering, voltrokken. Zijne voortreffelijke Gemalin is door de Nederlanders hartelijk verwelkomd. Hunne eenparige deelneming heeft het genoegen van Mijn Huls, bij deze gewenschte gebeurtenis, bijzonderlijk verhoogd. Ik ontvang, bij voortduring, van alle Mogendheden, de meest ondubbelzinnige bewijzen van welwillendheid en vriendschap; …
