Troonrede van 18 september 1882

Mijne Heeren! Het is Mij aangenaam de Vertegenwoordigers van het Nederlandsche Volk weder bijeen te zien. Mijne betrekkingen met de buitenlandsche Mogendheden zijn van den meest vriendschappelijken aard. Zee- en landmagt kwijten zich met loffelijken ijver van hare hoogst gewigtige taak. De zeemagt leed een betreurenswaardig verlies door het vergaan van den monitor Adder met …