Troonrede van 20 september 1892

Mijne Heeren, Bij de hervatting van Uwen arbeid mag Ik, met een gevoel van dankbaarheid, in menig opzicht bevredigende mededeelingen geven omtrent den toestand van land en volk. De betrekkingen tot alle buitenlandsche Mogendheden zijn van den meest vriendschappelijken aard. Zee- en landmacht, zoowel hier te lande als in de koloniën, kwijten zich bij voortduring …