Troonrede van 17 september 1918

Te midden van U, leden der Staten-Generaal, is het Mij eene behoefte openlijk uiting te geven aan de zorg en de smart, die de buitengewone nooden van Mijn Volk, waarmede Ik zonder ophouden medeleef en medegevoel, in Mij opwekken. Te grooter is de dankbaarheid, waarmede Ik jegens God vervuld ben, nu voor ons land de …