Troonrede van 18 oktober 1830

Edel Mogende Heeren! Uwe ijverige raadplegingen gedurende de onlangs gehouden buitengewone vergaderingen der Staten-Generaal, en het beleid, het doorzigt en de vaderlandsliefde, welke daarbij opnieuw zijn aan den dag gelegd, hebben, in derzelver gevolgen, Mijne hoop niet vervuld. Billijk had Ik mogen verwachten, dat een dadelijk grondwettig onderzoek van voorgebragte wenschen en bezwaren, vooral bij …