Mijne Heeren! Sedert Ik Uwe vorige zitting opende, is de oorlog, tusschen onderscheidene Staten gevoerd, tot Mijne blijdschap geëindigd, en ontkiemen reeds de weldadige vruchten des herstelden vredes. Mogten wij gedurende die moeijelijke omstandigheden met de andere Mogendheden betrekkingen van welwillendheid en goede gezindheid onderhouden, wij hebben alle reden om ons ook thans daarin te …
